vrijdag 9 juli 2010

De natuur zal zijn loop hebben.

Het was warm, ja heet zelfs.
Gelukkig was hij weer ontdaan van zijn dikke zwarte vacht.
Hij was weer schaap af en leek weer op een echte hond.
Van hem had het eerder gemogen maar zijn baasje dacht daar duidelijk anders over.
Het had iets met een afspraak te maken, maar daar had hij, Relatiefushond, geen last van.
Tijd was immers relatief, was daar geen theorie over?
Zelfs op de bank liggen was niet prettig.
Hij had zijn toevlucht genomen tot de granito vloer in de gang.
Hij was kortademig, hij lag te hijgen.

Hij moest denken aan de vader van het baasje, die in het ziekenhuis lag, die was ook kortademig.
Iets met het hart, begrijpen deed hij het niet.
Maar hij had wel gemerkt dat zijn baasje er mee bezig was.
Hij voerde lange ernstige telefoongesprekken.
Maar gelukkig werd hij voldoende uitgelaten,
want de natuur moest zijn loop hebben.

Niet dat hij veel behoefte aan lopen had nu het zo warm was.
Gelukkig begreep de baas dat ook, daar zaten ze tenminste op een lijn.
Dat was niet altijd het geval soms blafte hij wel eens te hard of stoof achter een vluchtende poes aan.
Dan trok de baas hard aan zijn lijn.
Dat deed pijn, maar hij kon niet anders,
want de natuur moest zijn loop hebben.

Zijn gedachten gingen weer naar de vader van het baasje.
Het baasje had het wel eens over dood gaan.
Hij wist niet goed wat dat was, hij leefde, bij de dag en sterven begreep hij niet.
Mensen waren vreemde wezens, die hadden het over een leven na de dood.
Hij begreep het leven voor de dood niet eens.
Wat hij wel wist was dat de natuur zijn loop zou hebben.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten